Paksoi zelf telen
Inleiding
Paksoi is een veelzijdige bladgroente die zijn oorsprong vindt in Oost-Azië, met name in China waar het al eeuwenlang een essentieel ingrediënt is in de keuken. De naam “paksoi” komt van het Chinese woord voor “witte groente” en verwijst naar de karakteristieke witte bladstelen. Paksoi kun je heel eenvoudig zelf telen.
Naast zijn culinaire gebruik wordt paksoi soms ook gewaardeerd om zijn decoratieve uitstraling in moestuinen, dankzij de contrasterende kleuren van de helderwitte stelen en diepgroene bladeren. Het gewas behoort tot de kruisbloemenfamilie (Brassicaceae) en is eenjarig, wat betekent dat het zijn volledige levenscyclus binnen één groeiseizoen doorloopt. De wetenschappelijke naam is Brassica rapa subsp. chinensis.
Leuk weetje:
Paksoi is een zogenaamde langedagplant, wat betekent dat het sneller in bloei gaat als de dagen langer worden. Dit maakt het een typisch gewas voor de lente en de nazomer, wanneer de dagen nog niet te lang zijn.
Paksoi groeit snel en is daarom een favoriet onder moestuinders die snel resultaat willen zien. Bovendien is het een uitstekende keuze voor wie een gezonde dosis vitamine C en K en calcium in zijn maaltijden wil verwerken. De bladeren en bladstelen zijn eetbaar en hebben een milde, lichtzoete smaak die goed combineert met roerbakgerechten, soepen en salades.


Zaaien van paksoi
Je kunt Paksoi zowel in de 1e seizoenshelft als in de 2e seizoenshelft telen. Aangezien paksoi een zogenaamde langedagplant is, kun je de warme periode rond de langste dag beter mijden, vanwege het risico op doorschieten . Er zijn variëteiten die claimen dat ook een zomerteelt mogelijk is, maar die laat ik voorlopig buiten beschouwing.

Zaaien in het vroege voorjaar altijd warm voor. Bescherm planten die vóór 10 mei geplant worden tegen de koude om doorschieten te voorkomen.

Paksoizaden blijven bij goede bewaring ongeveer drie jaar kiemkrachtig. Als je twijfelt dan kun je eerst een zogenaamde kiemproef uitvoeren. Om paksoi succesvol te telen, begin je met voorzaaien in potten of trays. Deze plant is geschikt voor koele seizoenen en groeit het beste bij milde temperaturen.
Gebruik een tray met middelgrote vakjes (ongeveer 5×5 cm). Vul deze met een luchtig en goed doorlatend zaaimedium. Zaai in elk vakje twee tot drie zaadjes. Paksoi is een zogenaamde donkerkiemer. Je moet daarom de gezaaide zaadjes afdekken met een dun laagje aarde.
De zaden ontkiemen bij een temperatuur van 15-22°C binnen 10 dagen. Als de eerste echte blaadjes verschenen zijn, dan kun je uitdunnen en alleen de sterkste zaailing per vakje laten staan.

Planten van paksoi
Zodra de zaailingen stevig genoeg zijn en minstens twee echte bladeren hebben, zijn ze klaar om uitgeplant te worden. Dit is meestal ongeveer drie tot vier weken na het zaaien.
Als je de vakkenmethode gebruikt, dan passen in een vak van 30×30 cm 4 planten van de variëteit Green F1. De variëteit Bopak F1 is robuuster en daarvan passen 4 zaailingen in een vak van 40×40. Als de planten groter worden dan staan de planten heel dicht tegen elkaar.

Zonder de vakkenmethode kun je voor compacte paksoi ongeveer 25–30 cm vrije ruimte rondom aanhouden. Grotere variëteiten zoals Bopak F1 hebben doorgaans meer ruimte nodig. In mijn Tiny Garden staan de planten bewust dichter bij elkaar, waardoor ze kleiner blijven en er meer planten per vak geoogst kunnen worden.
Paksoi groeit goed in vruchtbare, vochthoudende maar goed doorlatende grond op een zonnige tot licht beschaduwde standplaats, met bij warm weer eventueel bescherming tegen de felste middagzon.
Paksoi doet het ook goed in potten, mits deze minstens 20 cm diep zijn.

Oogsten van paksoi
Het oogsten van paksoi kan al ongeveer 50 dagen na het zaaien beginnen, afhankelijk van het ras en de groeiomstandigheden. Bij paksoi hoef je niet te wachten totdat de hele plant volgroeid is. Zodra de bladeren voldoende groot zijn, kun je beginnen met oogsten. Pluk de buitenste bladeren en laat het hart van de plant intact. Vanuit het hart blijven nieuwe bladeren groeien, zodat je gedurende langere tijd van dezelfde planten kunt oogsten. De oogst stopt wanneer de plant onvoldoende nieuwe bladeren produceert, doorschiet of plaats moet maken voor een volgend gewas.
Na het oogsten kun je paksoi het beste direct gebruiken, maar als dat niet mogelijk is, bewaar hem dan maximaal een week in de groentelade van de koelkast, gewikkeld in een licht vochtige doek om uitdroging te voorkomen.
Paksoi gedijt goed bij koelere temperaturen. De plant is echter niet volledig winterhard, zoals boerenkool dat is. Paksoi kan enkele graden vorst verdragen, maar bij strengere of langdurige vorst kunnen de cellen in de sappige bladstelen beschadigd raken. Na het ontdooien worden deze zacht en waterig, waardoor de plant kan gaan rotten.
Dek de planten bij vorst af met vliesdoek. Dit biedt bescherming tegen lichte vorst en voorkomt dat koude wind de bladeren uitdroogt. Bij strengere vorst is aanvullende bescherming nodig. In een koude kas of tunnel kun je paksoi tijdens een milde winter mogelijk nog tot in februari oogsten. Houd er wel rekening mee dat de plant in de winter nauwelijks groeit. Je oogst dan vooral bladeren die al in het najaar zijn gevormd. Zorg er wel voor dat de planten al redelijk volwassen zijn bij het begin van de winter.

Teelt en verzorging
Paksoi heeft geen ingewikkelde verzorging nodig, maar het is belangrijk om de grond vochtig te houden zonder dat deze te nat wordt. Als paksoi doorschiet, verschijnen stengels met gele kruisvormige bloemen. De bloemen vormen uiteindelijk zaden die je kunt verzamelen en opnieuw kunt zaaien. Bij F1-hybriden, zoals Bopak F1 en Green F1, kunnen de nakomelingen echter andere eigenschappen hebben dan de oorspronkelijke planten.
Er zijn heel veel variëteiten in de zaadhandel. Lees altijd goed wat de leverancier aangeeft.
Pas op met warmte
(Verhoogde) bakken warmen sneller op dan de vollegrond, vooral in de lente en zomer. Omdat paksoi beter groeit bij koele temperaturen, is het risico op doorschieten in bakken groter. Om dit te voorkomen, kun je een schaduwrijk plekje kiezen of de planten beschermen met een lichtdoorlatend doek of net.
Variëteiten
De naamgeving van Aziatische groenten zijn niet altijd even eenduidig. Er zijn vaak verschillende namen voor dezelfde variëteiten en er zijn afwijkende schrijfwijzen voor dezelfde plant. Bijvoorbeeld: Paksoi, Paksoy, Pakchoi, Pak Choi, Pak Soy, Pak-Choi en Bok Choy.
Voor mijn Tiny Garden heb ik twee variëteiten geselecteerd die goed verkrijgbaar zijn voor de hobbytuinder en die verschillende kenmerken hebben voor groeisnelheid en grootte.
Bopak F1
- Vormt volle, stevige en compacte kroppen met gladde, knapperige witte stelen en donkergroen, glanzend blad.
- Sterk opgerichte groei.
- Snelle groeier.
- Geschikt voor de vakkenmethode (40×40 cm).
- Heeft resistentie tegen bepaalde vormen van knolvoet.
Green F1
- Plant met zachte bladstelen en donkergroen blad.
- Compacte Shanghai-paksoi die ideaal is voor de teelt in potten, bakken, plantzakken en vakkenmethode.
- Zeer snelle groeier.
- Geschikt voor de vakkenmethode (30×30 cm en 40×40 cm).

Paksoi in de opvolgingsteelt
Net als veel andere kruisbloemigen geeft paksoi de voorkeur aan koele temperaturen boven warmte. Daarom zijn er twee groeiperioden: vóór en na de langste dag. Deze indeling sluit goed aan bij opvolgingsteelt. Bij het zelf telen van paksoi kun je deze dus zowel in de 1e als in de 2e seizoenshelft laten groeien.
Paksoi gevolgd door Broccoli


Bloemkool (zomeroogst) gevolgd door Paksoi


Op de pagina van de opvolgingsteelt kun je zelf combinaties maken die goed bij jou passen.

Wat een makkelijke site en een leuke, daar heb je wat aan!
Wat leuke en aardige reactie. Ik vind het fijn dat je zo enthousiast bent, want daar doe ik het uiteindelijk allemaal voor. Zo’n compliment geeft mij dan weer extra energie om door te gaan. Dank je wel.