Rode kool uit de moestuin
Inleiding
Rode kool is een van de oudste koolsoorten en wordt al eeuwenlang geteeld in Europa. De Latijnse naam, Brassica oleracea var. capitata f. rubra, duidt op de compacte krop en de rode tot paarse kleur van de bladeren. Deze kleur wordt veroorzaakt door anthocyanen, natuurlijke kleurstoffen die de kool niet alleen zijn unieke uiterlijk geven, maar ook rijk zijn aan antioxidanten.
Rode kool is een tweejarige plant die doorgaans als eenjarige wordt geteeld. De plant behoort tot de kruisbloemenfamilie (Brassicaceae), net als witte kool, boerenkool en spruitkool. Voor wie rode kool in de eigen moestuin wil telen, is het goed om te weten dat het een forse plant is die voldoende ruimte nodig heeft om te groeien.
Rode kool wordt vaak gebruikt in traditionele gerechten, zoals gestoofde rode kool met appel, en is ook populair in rauwkost en salades. Sommige variëteiten zijn bovendien lang houdbaar, waardoor rode kool vroeger een belangrijke groente was voor de wintermaanden.
Rood of paars?
De kleur van rode kool hangt samen met de zuurgraad van de grond. In zure grond krijgt de kool een rode kleur, terwijl hij in alkalische grond meer blauwpaarse tinten vertoont.
Hoewel de krop het meest bekende deel is, zijn ook de buitenste bladeren en jonge zaailingen eetbaar. Rode kool wordt in sommige streken ook wel “blauwkool” genoemd, vanwege de blauwe tint die hij in bepaalde lichtomstandigheden kan hebben.


Zaaien van rode kool
Het zaaien van rode kool uit eigen tuin begint met het plannen van de gewenste soort rode kool en daarmee de gewenste oogstperiode.

Bij de Korte teelt gebruik je een snelgroeiende variëteit rode kool. Deze kan gedurende een groot deel van het jaar worden gezaaid. Na het uitplanten is ongeveer 70 dagen nodig, voordat de kool kan worden geoogst. De lichtere kleuren in het zaaischema geven perioden aan waarin zaaien, planten of oogsten ook mogelijk is, maar dan alleen voor de soorten die geschikt zijn voor zeer vroege teelt (zoals Langedijker Allervroegste).
Door op verschillende momenten te zaaien, kun je met de Korte teelt rode kool oogsten van het voorjaar tot in het najaar.

Bij de Lange teelt gebruik je langzaam groeiende variëteiten. Deze hebben na het uitplanten ongeveer 140 dagen nodig om een volgroeide kool te vormen. De lichtere gele kleur aan het einde van het oogstvenster maakt het mogelijk om de kool nog iets langer te laten staan als dat nodig is.
De kolen worden in het najaar geoogst. De variëteiten die geschikt zijn voor de Lange teelt zijn bewaarkolen: stevige kolen die na de oogst langere tijd kunnen worden bewaard. Langedijker Bewaar is hiervan een voorbeeld.
Zaai-instructies
Elke rode kool produceert één krop. Gebruik potten met een diameter van 5 tot 7 cm. Vul deze met een luchtig zaaimedium. Zaai drie tot vijf zaadjes per potje op een diepte van ongeveer 1 cm. Nadat de zaden zijn ontkiemd, dun je de zaailingen uit tot de sterkste plant overblijft.
De optimale kiemtemperatuur ligt tussen de 10 en 20°C. Bij deze temperatuur kiemen de zaden binnen vijf tot acht dagen. Zorg ervoor dat de potten op een lichte plek staan, bijvoorbeeld op een vensterbank, onder een kweeklamp of in een kas. Houd de grond vochtig, maar niet nat, om schimmelvorming te voorkomen.


Planten van rode kool
Ongeveer 35 dagen na het zaaien, wanneer de zaailingen stevig zijn en drie tot vier echte bladeren hebben, zijn ze klaar om te worden uitgeplant. Ze zijn dan ongeveer 10 tot 15 cm hoog en hebben een stevige wortelkluit.
Plant rode kool op een zonnige plek in goed doorlatende, vruchtbare grond met een pH-waarde van 6,5 tot 7,5. De grond moet rijk zijn aan organisch materiaal en licht vochtig blijven.
Als je niet de vakkenmethode gebruikt houd dan voor de Korte teelt een vrije ruimte rondom van 40 cm. Voor de Late teelt is dat zelfs 50 cm rondom. De kroppen hebben dan voldoende ruimte om te groeien. Plant de zaailingen niet te diep; de wortelkluit moet gelijk liggen met het grondoppervlak.


Oogsten van rode kool
De krop van rode kool is het eetbare deel en is oogstrijp wanneer hij stevig aanvoelt en een mooie, volle vorm heeft. Oogst de kool door de stengel met een scherp mes net onder de krop af te snijden.
Rode kool wordt in één keer geoogst. Na de oogst kun je de kool enige tijd bewaren op een koele plek. Een kool uit de Korte teelt kan enkele weken worden bewaard en een kool uit de Lange teelt kan tot 4 maanden worden bewaard op een koele, donkere plek. Voor langere bewaring kan de kool worden gesneden en ingemaakt als zuurkool of worden ingevroren.

Verzorging
Een rode kool heeft niet veel verzorging nodig. Verwijder regelmatig de onderste bladeren als deze beschadigd of verkleurd zijn. Rottend blad trekt namelijk slakken aan.
Ziekten en plagen: Rode kool is gevoelig voor koolvlieg, bladluizen en knolvoet. Gebruik insectengaas om koolvlieg te voorkomen en houd de bodem licht alkalisch met kalk om knolvoet te verkleinen. Bladluizen kunnen met water worden afgespoeld of biologisch worden bestreden.
Vermeerdering: Rode kool wordt vermeerderd door zaad. Zelf zaden verzamelen kan door de plant in bloei te laten schieten, maar dit vereist een tweejarig proces.
Overwinteren: Rode kool is een tweejarige plant, maar wordt voor de oogst van de kool als eenjarige geteeld. Winterharde variëteiten kunnen echter tot diep in de herfst worden geoogst en blijven onder milde omstandigheden zelfs in de grond goed.
Variëteiten
Voor de Korte teelt
Voor de Korte teelt heb ik een variëteit geselecteerd die goed verkrijgbaar is voor de hobbytuinder.
- Langedijker Allervroegste
- Snelle groeier (±70 dagen na planten).
- Geschikt voor de zeer vroege oogst.
- Vormt een kleine plant met weinig omblad.
- Zeer geschikt voor de vakkenmethode.
Voor de Lange Teelt
Ook voor de Lange teelt heb ik één variëteit geselecteerd.
- Langedijker Bewaar
- Langzame groeier (±140 dagen na planten).
- Vormt een grote krop (circa 2,5 kg) met veel omblad .
- Zeer matig geschikt voor de vakkenmethode.
- Typische bewaarkool voor lange bewaring (tot 4 maanden).
Rode kool in de vakkenmethode
De plant van de rode kool is behoorlijk groot en vraagt dus veel ruimte. En dat laatste is juist in mijn Tiny Garden een issue. Ik gebruik de vakkenmethode en dan past alleen één kleine variëteit (zoals Langedijker Allervroegste) in een vak van 40×40 cm.
Een grote variëteit (zoals Langedijker Bewaar) past eigenlijk niet in een vak van 40×40 cm. Ik heb het wel eens gedaan maar dan in een vak aan de rand van een bak of liever nog in een hoek. De bladeren van de plant kunnen dan een beetje over de bak heen hangen. Het helpt trouwens ook om regelmatig oudere grote bladeren aan de onderzijde van de plant te verwijderen, want juist die bladeren nemen veel ruimte in.

Hoewel rode kool voornamelijk in de volle grond wordt geteeld, kan deze ook in een grote pot of plantzak worden geplant. Deze moeten een minimale diameter van 30 cm hebben. Een rode kool heeft veel voeding nodig, dus zeker in een pot of zak is regelmatig bijmesten nodig.
Rode kool in de opvolgingsteelt
Bij rode kool onderscheiden we een Korte teelt en een Lange teelt. De Korte teelt neemt relatief weinig tijd in beslag en biedt daardoor goede mogelijkheden voor opvolgingsteelt. Afhankelijk van het moment waarop je de rode kool teelt, is er ruimte voor een voor- of opvolggewas.
De Lange teelt neemt een groot deel van het groeiseizoen in beslag. Toch is er voorafgaand aan de rode kool vaak nog ruimte voor een snelgroeiend voorgewas.
Op de pagina over de opvolgingsteelt kun je zelf combinaties maken die passen bij wat jij wilt telen. Gebruik de voorbeelden hieronder als inspiratie voor je eigen planning.
Rode kool (Korte teelt) gevolgd Chinese kool


Andijvie gevolgd door rode kool (Lange teelt)


