Spinazie kweek je zelf
Inleiding
Spinazie (Spinacia oleracea) is een snelgroeiend bladgroentegewas afkomstig uit Perzië en werd al in de Middeleeuwen naar Europa gebracht. Het gewas werd geliefd vanwege zijn voedingswaarde en gebruiksgemak. De naam spinazie komt van het Latijnse ‘spinacia’, wat ‘stekel’ betekent, een verwijzing naar de stekelige zaden van sommige oude variëteiten. Spinazie kweek je makkelijk zelf en kan zowel rauw in salades worden verwerkt als gekookt worden gegeten. Het is een uitstekende bron van vitamines A, C, en K, evenals ijzer en magnesium.
Instant spierkracht
In de jaren 1930 werd spinazie wereldberoemd dankzij het stripfiguur Popeye, die met spinazie instant spierkracht kreeg. Ondanks de vroege overdrijving over het ijzergehalte, blijft het een gezonde keuze.
Spinazie is een eenjarig gewas en behoort tot de amarantenfamilie (Amaranthaceae). Daarnaast bestaat er ook Nieuw-Zeelandse spinazie (Tetragonia tetragonioides), een warmteminnende plant die botanisch niet verwant is aan gewone spinazie. Deze plant groeit als een kruipende vaste plant en is een goede optie voor de zomer, vooral in drogere en warmere omstandigheden, waar gewone spinazie snel in bloei komt.


Zaaien van spinazie
Spinazie kent twee verschillende groeiperioden. Voor deze vroege teelt gebruik je soorten die doorontwikkeld zijn om zo goed mogelijk bestand te zijn tegen de warmte van de zomer, terwijl je voor de najaarsteelt juist een soort wilt die zo goed mogelijk bestand is tegen de koude van de winter. Spinazie is een zogenaamde langedagplant en dat betekent dat de plant gaat bloeien als deze meer dan 12-14 uur per dag licht krijgt.
Voorjaarsteelt

Deze teelt start vroeg in het jaar, zodat je nog kunt oogsten voordat de plant gaat bloeien. De zaaiperiode is ook beperkt. Technisch gesproken kun je Half Maart en verder ook nog zaaien. Maar vanaf Half Maart hebben de dagen al meer dan 12 uur licht. De plant zal zich dan gaan opmaken om te gaan bloeien. Tegen de tijd dat je de plant kunt uitplanten houdt de plant zich meer bezig met bloei en minder met het ontwikkelen van bladeren. De perioden die in het zaaischema lichtlauw gekleurd zijn, kun je dus beter vermijden.
Voorjaarsvariëteiten zijn onder andere ‘Matador’ en ‘Nores’, die snel groeien en beter bestand zijn tegen de warmere maanden. De groei is uitbundig. In de voorjaarsteelt oogst je veel blad in korte tijd.
Najaarsteelt

De winterspinazie is goed bestand tegen koude temperaturen en kan daarom in het najaar en de winter geteeld kan worden. Deze soorten zijn zelfs bestand tegen redelijk wat vorst. Ze hebben meer moeite met nattigheid dan met de kou.
Deze teelt begint pas als de langste dag al voorbij is. De plant is daarom niet gericht op de bloei, maar volledig op het maken van blad. De oogst is verspreid over oktober/november en (na de winter) maart/april. Gedurende de winter valt de groei nagenoeg geheel stil.
Bekende variëteiten voor de najaarsteelt zijn ‘Winterreuzen’ en ‘Gigante d’Inverno’. Ze groeien langzamer, maar je oogst over langere perioden geregeld spinaziebladeren. Ook de wintervariant zal in het nieuwe jaar in bloei komen als de dagen weer meer dan 12 uur licht hebben (vanaf de equinox rond 10 maart)
Het zaaien
Let er op dat je de juiste variëteit gebruikt. Voorjaarsspinazie heeft ronde zaadjes, terwijl de winterspinazie scherpe zaadjes heeft. Een enkele spinazieplant levert gemiddeld 100 tot 150 gram blad op, afhankelijk van de groeiomstandigheden en variëteit.
Gebruik potten of trays met een doorsnede van 5 tot 7 cm, zodat de wortels voldoende ruimte hebben om zich te ontwikkelen. Vul de potten of trays met een luchtig zaaimedium. Doe in elke potje of module 3 zaden.
De ideale kiemtemperatuur voor spinazie ligt rond de 15-20°C ligt, maar het kiemproces begint al vanaf een graad of 4°C. Dus in een koude kas gaat dit verrassend vroeg goed. Na 10 dagen zie je al de eerste sprietjes boven de grond komen. Na het ontkiemen is het niet nodig om uit te dunnen. De zaailingen worden als cluster geplant.


Planten van spinazieplanten
Zaailingen van spinazie zijn klaar om uitgeplant te worden als ze 2-3 echte blaadjes hebben ontwikkeld. Dit is ongeveer 25 dagen na het zaaien.
Als je gebruik maakt van de vakkenmethode dan kun je 4 clusters per vak van 30×30 cm planten en 9 clusters bij een vak van 40×40 cm.

Zonder vakkenmethode hou je bij het planten van de clusters van de zaailingen een vrije ruimte aan van 15 cm rondom de cluster. Deze cluster zijn bedoeld om geregeld blaadjes te plukken (‘babyleaf’)
Spinazie groeit het beste op een licht vochtige, goed doorlatende grond die rijk is aan organisch materiaal. Kies een plek in de volle zon of halfschaduw en zorg dat de standplaats beschut is tegen harde wind. Spinazie heeft geen diepe wortels, dus plant de zaailingen op dezelfde diepte als in de pot of tray. Het gewas kan ook goed in potten groeien, mits deze een diameter van minimaal 20 cm hebben en een diepte van minimaal 15 cm.


Oogsten van spinazieplanten
Bij spinazie kun je op twee manieren oogsten.
- Oogsten van losse blaadjes – Je kunt beginnen met het plukken van losse blaadjes ongeveer 35 dagen na het zaaien, afhankelijk van de groeiomstandigheden en het ras. Op dat moment hebben de blaadjes een lengte van ongeveer 6-8 cm en zijn ze geschikt voor consumptie.
- Oogsten van de hele plant – Voor het oogsten van een volledig volgroeide plant moet je langer wachten. Dit gebeurt ongeveer 60 dagen na het zaaien, wanneer de plant volledig ontwikkeld is en een compacte krop van bladeren heeft.
Een enkele plant levert circa 100 tot 150 gram blad, afhankelijk van de groeiomstandigheden.
Na het oogsten kun je spinazie wassen en droogdeppen. Spinazie is het lekkerst wanneer je deze direct gebruikt, maar je kan ook enkele dagen in de koelkast bewaren in een luchtdichte zak. Voor langere bewaring kun je spinazie blancheren en invriezen.

Teelt en verzorging
Boven de 20 graden Celsius en bij meer dan 12-14 uur licht per dag gaat spinazie zich richten op de bloei. Dat is een biologisch gegevens van de plant. De plant begint bloemstengels te vormen in plaats van nieuwe bladeren.
Maar los van de biologische klok kan de plant ook sneller in bloei komen (doorschieten) als deze te maken heeft met stressvolle omstandigheden. De plant ‘denkt’ dan dat hij doodgaat en wil daarom ze snel mogelijk voor nageslacht zorgen. Dus dat betekent bloei en daarna zaadjes maken. Stressfactoren zijn hoge temperaturen, droogte of een te lange daglengte. Het in bloei komen / doorschieten heeft directe gevolgen voor de oogst: de bladeren worden kleiner, stugger en krijgen een bittere smaak.
Voor moestuinders betekent dit dat de spinazie minder aantrekkelijk is voor consumptie en snel geoogst moet worden om nog bruikbare bladeren te redden.
De teelt kan last hebben van valse meeldauw, die je kunt bestrijden door resistentievariëteiten te kiezen en wisselteelt toe te passen. Slakken en bladluizen kunnen eveneens een probleem zijn; handmatig verwijderen of gebruik van milieuvriendelijke bestrijdingsmethoden kan hierbij helpen.
Spinazie vermeerder je door zaaien, en voor een succesvolle teelt is het belangrijk om het gewas regelmatig te wieden en de grond licht vochtig te houden.
Spinazie in de opvolgingsteelt
Doordat spinazie twee teeltperioden heeft, kun je het zowel toepassen als voorloopgewas (voorjaarsteelt) en als opvolggewas (najaarsteelt). Omdat er vrij veel ruimte zit tussen beide perioden, kun je deze ruimte benutten voor een tussenteelt. Op de pagina van de opvolgingsteelt kun je zelf combinaties maken die passen bij wat jij wilt telen. Gebruik de informatie hieronder als inspiratie voor je eigen ideeën.
Spinazie gevolgd door sperziebonen gevolgd door spinazie
