Bietjes zelf telen
Inleiding
Bieten (Beta vulgaris) behoren tot de familie van de amaranten (Amaranthaceae) en zijn een veelzijdig gewas met een rijke geschiedenis. Oorspronkelijk afkomstig uit het Middellandse zeegebied, werden bieten al door de oude Grieken en Romeinen geteeld, vooral vanwege hun bladeren. De rode biet zoals we die nu kennen, werd pas later ontwikkeld. Deze eenjarige plant, die soms als tweejarig wordt gekweekt in een gematigd klimaat, is een wortelgewas met opvallende kleurvarianten zoals dieprood, goudgeel of wit met roze ringen. Naast de bekende naam ‘rode biet’, wordt de biet ook wel kroot genoemd. Je kunt verschillende variëteiten bietjes eenvoudig zelf telen in je moestuin.

De Latijnse naam Beta vulgaris (afkomstig van het Griekse woord ‘Beta’ en het Latijnse ‘vulgaris’, wat ‘gewoon’ of ‘algemeen’ betekent) geeft een hint naar de lange geschiedenis van het gewas in de landbouw. Bieten zijn geliefd vanwege hun zoete smaak, voedzame eigenschappen en veelzijdige toepassing in salades, soepen en zelfs desserts.
De plant doorloopt een duidelijke levenscyclus: van ontkieming, bladontwikkeling en de vorming van een eetbare knol, tot het produceren van zaad in het tweede jaar wanneer hij mag doorschieten.
Leuk weetje:
de natuurlijke kleurstof betanine wordt gewonnen uit bieten. Deze kleurstof wordt vaak gebruikt als natuurlijke kleurstof in voedingsmiddelen en ook met name in snoepgoed.

Zaaien van bieten
De Tuinagenda biedt een lange lijst met opties voor optimale zaaitijden voor bieten. Bietjes kun je in meerdere perioden zelf telen door zowel te zaaien in het vroege voorjaar voor een zomeroogst en later in de zomer voor een herfst- en winteroogst. Je hoeft uiteraard niet in elke periode te zaaien, maar selecteer de perioden die jou goed passen om een goed gespreide oogst te hebben.
Bietjes die je voor de herfst- en winteroogst zaait kun je ook gebruiken om plekken die na het oogsten van andere gewassen vrijkomen op te vullen. Het is dan handig om bietenzaailingen van enkele weken oud op voorraad te hebben. Zo kun je zelf doorlopend bietjes telen.

Het bepalen van het aantal te zaaien planten hangt af van je behoeften: elke plant levert slechts één eetbare knol op. Door slim van de verschillende perioden gebruik te maken kun je je oogst spreiden over het hele seizoen.

Voor het zaaien van bieten hanteren we de methode van clusterzaaien. Gebruik potten of trays met een diepte van minstens 5 cm om het wortelstelsel de ruimte te geven. Vul deze met een goede zaaimix. Zaai 4 zaadjes per potje. Een zaadje van de biet is eigenlijk al een cluster van zaden op zich, want één zaadje kan meer embryo’s bevatten, wat meerdere kiemplanten per zaadje kan opleveren. Aan de andere kant ontkiemen sommige zaadjes helemaal niet. De zaadjes ontkiemen bij een temperatuur van 15-20 graden Celsius na circa 10 dagen.
Het streven is om na het ontkiemen 4 bietenzaailingen in één potje over te houden. Als er meer zaailingen opgekomen zijn dun dan uit tot je 4 zaailingen per potje overhoudt.


Planten van bieten
De biet is weliswaar een wortel, maar het maakt geen penwortel. Uitplanten zal daarom geen misvormde bieten geven, zoals we dat kennen van wortelen en pastinaken.
De zaailingen zijn klaar om uitgeplant te worden wanneer ze 3 tot 4 echte blaadjes hebben. Dit is ongeveer 25 dagen na het zaaien. Laat de jonge plantjes afharden door ze te laten wennen aan de buitentemperatuur en de lichtintensiteit.
De clusters van zaailingen blijven clusters bij het planten. Er gaan dus meerdere zaailingen tegelijkertijd in hetzelfde plantgat. Plant de bieten-clusters met een onderlinge afstand van 15 cm. Kies een zonnige standplaats met goed doorlatende, humusrijke grond. Vermijd kleigrond tenzij deze is verbeterd met compost.
Als je de vakkenmethode gebruikt, dan passen in een vak van 30×30 cm 4 clusters, terwijl je in een vak van 40×40 cm 9 clusters kunt planten.

De plantdiepte is eenvoudig. Maak een gat met je vingers of met een plantstok. Laat de bieten-cluster in het gat vallen en druk een beetje aan. De stengels mogen best vrij diep de grond raken.
Tussenteelt (interplanting) met snelle groeiers zoals radijs of pluksla kan een efficiënt gebruik van de ruimte opleveren.

Oogsten van bieten
Bieten zijn volledig eetbaar. Zowel de bladeren als de knollen kunnen worden geoogst. Ik raad echter af om de bladeren tussentijds te oogsten als je de knol ook wilt telen en oogsten. De bladeren zorgen er namelijk voor dat zonlicht wordt omgezet in energie voor de biet. Met te weinig bladeren wordt de groei van de biet belemmerd. Als je de bladeren tegelijkertijd met de biet oogst dan is dat natuurlijk geen probleem. Wil je toch graag bietenblad zet dan ook wat snijbiet in je tuin.
De biet is oogstrijp wanneer deze een diameter van 5 tot 8 cm heeft (de grootte van een golfbal). Dit is ongeveer 75 dagen na het zaaien, afhankelijk van de variëteit en groeiomstandigheden. Bij clusterzaaien zijn de bieten vaak iets kleiner, maar je hebt wel meer bieten.
Oogst per cluster eerst de grootste biet. Pak deze bij de knol vast en draai de knol rond tot deze van de grond loskomt. Laat de overige bieten nog even zitten. Die hebben nu meer ruimte om nog even verder te groeien. Je kunt bieten in de grond laten zitten zolang het loof gezond blijft.
Bewaren van bieten
Om bieten lang goed te houden, moet je ze niet “verwonden”, anders gaan ze “bloeden” (sap verliezen) en drogen ze uit. Na het oogsten kun je de bladeren circa 3 cm boven de biet afdraaien (niet afsnijden). De kleine stukje van de stengel blijft aan de biet zitten om uitdroging te voorkomen. Laat de wortel (het lange staartje) aan de onderkant zitten. Was de biet niet als je ze vers wilt bewaren.
Korte termijn:
Leg de bieten in de groentelade van de koelkast. In een papieren of geperforeerde plastic zak blijven ze 2 tot 4 weken goed
Lange termijn (de hele winter)
Neem een kist of krat. Leg een laag brekerszand op de bodem. Het zand moet licht vochtig zijn, maar zeker niet nat. Leg de bieten erin zonder dat ze elkaar raken. Dek af met een nieuwe laag zand en herhaal dit tot de kist vol is. Op deze manier kun je ze tot wel maart/april bewaren.
Wecken / Inleggen (Zoetzuur)
Dit is een permanente manier van bewaren. Je kookt de bieten gaar, snijdt ze in stukjes en doet ze in steriele potten met een mengsel van azijn, suiker en kruiden (zoals kruidnagel of laurier).

Teelt en verzorging
In mijn Tiny Garden gebruik ik de volgende variëteiten:
- Anello – met roze-witte ringen.
- Avalanche – een mooie stevige, witte biet
- Bulls blood – rode biet
- Burpees Golden – gele biet.
- Cylindra: een langwerpige rode biet van forse omvang.
- Deventer zwartblad – rode biet met zeer donker gekleurd blad
- Golden Detroit – een bijna oranje gekleurde biet.
- Kogel 2 – in Engeland bekend als Boltardy. Een prima biet voor het vroege voorjaar.
Hoewel bieten over het algemeen weinig last hebben van plagen, kunnen bladluizen en mineervliegen schade veroorzaken. Regelmatig controleren en het verwijderen van aangetast loof helpt bij de bestrijding. Schimmelziekten zoals cercospora-bladvlekkenziekte kun je voorkomen door voldoende plantafstand en luchtcirculatie te handhaven.

Bieten zijn eenvoudig te vermeerderen via zaad, hoewel ze in een gematigd klimaat twee jaar nodig hebben om zaad te produceren. Let op: bieten kunnen niet overwinteren in de grond tenzij de winters mild zijn. Voor overwintering kun je bietenwortels in een vorstvrije ruimte bewaren.
Bietjes in de opvolgingsteelt
Bietjes zijn snelle groeiers die je gedurende een groot deel van het seizoen kunt telen. Daarom kun je bietjes prima toepassen om (tijdelijke) lege plekken op te vullen. Na de oogst is er vaak nog volop ruimte voor de teelt van iets anders. Op de pagina van de opvolgingsteelt kun je zelf combinaties maken die goed bij jou passen. Gebruik de informatie hieronder als inspiratie voor je eigen ideeën.
Bietjes gevolgd door bleekselderij.

Broccoli (zomeroogst) gevolgd door bietjes (herfstteelt)
