koolraap uit eigen tuin
Inleiding
Koolraap, in het Engels vaak “swede” (Engeland) of “rutabaga” (VS) genoemd, is een voedzaam wortelgewas dat zijn oorsprong vindt in Scandinavië en Noord-Europa. Het gewas ontstond waarschijnlijk in de 17e eeuw als een natuurlijke kruising tussen witte kool en knolraap. Je kunt koolraap makkelijk uit eigen tuin oogsten.
De namen van verschillende groenten lijken op elkaar en zijn daardoor erg verwarrend. Koolraap wordt daarom regelmatig verward met koolrabi of (mei)rapen (en andersom).
In Nederland staat koolraap bekend om zijn zoete, aardse smaak en veelzijdigheid in de keuken. Je kunt hem koken, pureren, bakken of zelfs rauw eten in salades. Hoewel koolraap tegenwoordig niet meer zo populair is als vroeger, wordt hij nog steeds gewaardeerd om zijn lange houdbaarheid en voedingswaarde, vooral in de wintermaanden.
Leuk weetje:
Vóór de opkomst van pompoenen als Halloween-lantaarns, sneden mensen in Schotland en delen van Noord-Engeland gezichtjes in koolrapen om ze om te toveren tot “Jack-o’-lanterns”. Het uithollen van een koolraap is een stuk lastiger dan een pompoen (want die is veel zachter), maar deze traditie gaat eeuwen terug en werd gezien als een manier om boze geesten af te weren.
Koolraap is een tweejarige plant, maar wordt in de moestuin meestal als eenjarige gekweekt. Een koolraap is de wortel van deze plant Brassica napus subsp. napobrassica. Door zijn stevige wortel en dikke schil wordt koolraap soms ook wel “winterraap” genoemd.


Zaaien van koolraap
In de Tuinagenda staan de volgende periode die geschikt zijn voor het zaaien van koolraap.

Koolraap groeit langzaam, dus je hebt een beetje geduld nodig. Zaai bij voorkeur in potten of trays met een doorsnede van minimaal 6 cm, omdat de zaailingen een lange penwortel ontwikkelen. Gebruik per potje twee of drie zaadjes en houd een kiemtemperatuur van 15 tot 20 graden aan.
De zaden ontkiemen binnen 10 dagen. Zodra de zaailingen 2 tot 3 blaadjes hebben, dun je ze uit tot de sterkste plant per potje overblijft. Dit geeft de overgebleven zaailing de ruimte om stevig door te groeien.


Planten van koolraap
Als de zaailingen ongeveer 6 weken oud zijn en stevig genoeg aanvoelen, kun je ze uitplanten. Wacht tot ze ongeveer 10 tot 15 cm groot zijn en een goed wortelgestel hebben ontwikkeld.
Koolraap houdt van een zonnige, open plek in goed doorlatende grond die rijk is aan organisch materiaal. Een beetje compost in het plantgat helpt de zaailing goed van start. Plant ze ongeveer 30 cm uit elkaar, zodat de wortels en bladeren voldoende ruimte hebben om zich te ontwikkelen.
Zowel in een vak van 30×30 cm als in een vak van 40×40 cm past één plant. Interplanting met snelgroeiende bladgewassen zoals sla kan ook, zolang je ze verwijdert voordat de koolraap te veel ruimte nodig heeft.
Let op dat je de wortelhals niet te diep plant, want dat kan rotten veroorzaken.


Oogsten van koolraap
Je kunt de koolraap ongeveer 160 dagen na het zaaien oogsten. Je herkent een oogstklare koolraap aan zijn doorsnede, die ongeveer 10 tot 15 cm moet zijn. Oudere knollen kunnen houtachtig worden, dus wacht niet te lang. Koolraap wordt geoogst door de knol voorzichtig uit de grond te tillen, waarbij je de wortels intact houdt. Gebruik een spitvork als de grond erg compact is.
Koolraap wordt in één keer geoogst, maar je hoeft niet alle rapen tegelijk te oogsten. Je kunt enkele knollen in de grond laten staan tot je ze nodig hebt, vooral als de temperatuur koel blijft.
Bewaar geoogste koolrapen op een koele, droge plek, zoals een kelder of vorstvrije schuur. Ze blijven enkele maanden goed als je de bladeren verwijdert en de knollen niet wast.
Teelt en verzorging
Er zijn verschillende rassen van koolraap beschikbaar, waaronder de populaire ‘Champion’ en ‘Brora’. Deze variëteiten staan bekend om hun zoete smaak en gelijkmatige groei.
Koolraap is over het algemeen vrij resistent tegen ziekten, maar let op knolvoet, een schimmelziekte die planten uit de koolfamilie kan aantasten. Ook slakken kunnen jonge zaailingen beschadigen, dus houd hier rekening mee.
Qua verzorging heeft koolraap uit eigen tuin niet veel aandacht nodig, behalve regelmatig wieden en een gelijkmatige watergift om barsten te voorkomen. Het gewas kan een lichte nachtvorst verdragen en groeit goed door tot in de herfst, wat het een uitstekende keuze maakt voor de wintermoestuin.
Koolraap is niet alleen gemakkelijk te kweken, maar ook een voedzame aanvulling op je tuin en keuken. Het kost wat tijd, maar het resultaat is een veelzijdige groente die perfect past bij de Hollandse winterkost!
Koolraap in de opvolgingsteelt
Koolraap is een trage groeier die bestemd is voor de 2e seizoenshelft. Je kunt deze daarom goed vooraf laten gaan door een gewas die al voor die tijd geoogst is. Op de pagina van de opvolgingsteelt kun je zelf combinaties maken die goed bij jou passen. Gebruik de informatie hieronder als inspiratie voor je eigen ideeën.
Omdat de koolraap langzaam groeit in de tuin kun je de ruimte tussen de koolrapen benutten voor tussenteelt met snel groeiende gewassen.
Erwtenscheuten gevolgd door radijs gevolgd door koolraap
