Uien zelf zaaien
Inleiding
Uien (Allium cepa) worden geteeld vanwege hun eetbare bol. Tijdens de groei vormt de plant eerst loof. Onder invloed van de daglengte begint vervolgens de bolvorming, waarbij voedingsstoffen worden opgeslagen. Wanneer het loof vergeelt en omvalt, nadert de ui zijn oogstrijpheid.
Blad per schil
Er is een directe relatie tussen het aantal bladeren (loof) van een ui en het aantal schillen van de bol. Hoe meer bladeren, hoe groter de bol doorgaans kan worden, omdat elk blad fotosynthese uitvoert en energie bijdraagt aan de bolvorming. Uien met meer schillen hebben doorgaans een betere bewaarkwaliteit, omdat de buitenste schillen de bol beter beschermen tegen schade en vochtverlies.


Uien (uit zaad)
Uien kunnen eenvoudig uit zaad worden geteeld. In de Tiny Garden gebruiken we hiervoor de methode van clusterzaaien.

Clusterteelt
Vul een tray met een goed luchtig en doorlatend zaaimedium. Zaai 4 zaadjes in elke cel van de tray.
Zaad van uien zijn zogenaamde donkerkiemers. Dek de zaadjes daarom af met een dun laagje aarde van 0,5-1 cm en druk het stevig aan. De zaadjes kiemen binnen 14 dagen en vormen een cluster van zaailingen.
Zaailingen van de ui komen niet met twee blaadjes naar boven, zoals een boon of sla, maar ze duwen eerst een ‘lusje’ door de aarde. Dit lijkt op een soort dubbelgevouwen stengel met een ‘knie’ aan de bovenkant. Het topje met het zaadje blijft nog even in de grond zitten terwijl de dubbelgevouwen stengel verder groeit. Als je de zaadjes niet had bedekt met aarde, dan zou dit lusje geen tegendruk ondervinden en droogt het kwetsbare kiempje snel uit.
In de eerste weken produceert een zaailing smalle, holle bladeren (het loof). Deze bladeren vormen zich in een waaierpatroon en spelen een belangrijke rol bij de fotosynthese. Het wortelstelsel breidt zich uit, waardoor de plant steviger wordt en efficiënter voedingsstoffen en water uit de grond kan opnemen.
Dun de cluster uit tot er maximaal 3 plantjes per cluster overblijven. Deze worden later gezamenlijk uitgeplant.

Planten van uien
Na ongeveer 40 dagen zijn de zaailingen doorgaans 10–15 cm hoog en klaar om uitgeplant te worden. Plant de clusters op dezelfde diepte als in de zaaitray, met ongeveer 15 cm vrije ruimte rondom.

Bij gebruik van de vakkenmethode passen in een vak van 30×30 cm 4 clusters van uien. In een vak van 40×40 cm passen 9 clusters.

Uien groeien het best op een zonnige plek in goed doorlatende, voedzame grond. Vermijd wateroverlast.


Oogsten van uien

Uien oogsten we niet uitsluitend op een bepaalde datum, maar vooral aan de hand van hun ontwikkeling.
- Het loof vergeelt en valt grotendeels om.
- De bol is stevig en vrijwel uitgegroeid.
- De hals wordt zachter en begint in te drogen.
Je kunt vroege uien eerder oogsten en direct consumeren. Dus ook terwijl het loof nog gedeeltelijk groen is. Trek de ui voorzichtig uit de grond zodra deze oogstklaar is.
Na de oogst:
Laat bewaaruien bij droog weer eerst enkele dagen drogen op een goed geventileerde plek. Laat ze daarna verder nadrogen totdat de hals en buitenste rokken goed droog zijn.
Bewaar de uien vervolgens koel, droog en luchtig. Vroege, zoete uien zijn doorgaans minder lang houdbaar dan echte bewaaruien.
Teelt en verzorging
Uien vragen weinig verzorging. Houd de grond onkruidvrij en voorkom langdurige wateroverlast.
Bij aantasting door de uienvlieg of preimineervlieg kan fijnmazig insectengaas bescherming bieden. Zorg bij vochtig weer voor voldoende luchtcirculatie om schimmelziekten te beperken.
Invloed van daglengte
De bolvorming wordt mede bepaald door de daglengte. Voor de gebruikelijke voorjaarsteelt in Nederland zijn vooral langedagrassen geschikt, die bij ongeveer 14–16 uur daglicht bollen beginnen te vormen. De precieze grens verschilt per ras.
Variëteiten in de Tiny Garden
n de Tiny Garden gebruiken we vijf verschillende uienrassen, variërend van vroege consumptieuien tot lang houdbare bewaaruien.
|
Variëteit |
Kenmerken |
|---|---|
|
Uien Vaugirard |
Kleine / vroege uiOogst: Begin juli – half juli
|
|
Stuttgarter |
Middelgrote platronde uiOogst: Eind juli – begin augustus
|
|
Dulce Tonda |
Middelgrote, bolronde ui
Oogst: Eind juli – begin augustus
|
|
Noord-Hollandse bloedrode |
Middelgrote tot grote, platronde rode uiOogst: Tweede helft van augustus – september
|
|
Rijnsburger |
Grote gele bewaaruiOogst: Half – eind augustus
|
Uien in de opvolgingsteelt
Uien kun je toepassen als voorloopgewas in de opvolgingsteelt. Na het oogsten is er dan ruimte voor volgende gewas. Op de pagina van de opvolgingsteelt kun je zelf combinaties maken die passen bij wat jij wilt telen. Gebruik de informatie hieronder als inspiratie voor je eigen planning.
Uien Rijnsburger gevolgd door Andijvie Nummer 5 (najaarsoogst)






