Peterseliewortel uit eigen moestuin
Inleiding
De peterseliewortel is met recht een “vergeten groente”. Dit gewas, dat zijn oorsprong vindt in het oostelijke deel van het Middellandse Zeegebied, is een fascinerende combinatie van twee bekenden. Boven de grond zie je blad dat sprekend lijkt op de gewone platte peterselie, terwijl zich onder de grond een witte penwortel vormt die qua uiterlijk doet denken aan een pastinaak.
De smaak is echter uniek: een aromatische mix van peterselie, knolselderij en wortel. In de keuken is het een veelzijdige vriend; je gebruikt het blad als kruid en de wortel als groente in soepen, stamppotten of als geroosterd bijgerecht.
Vergeten wortel
De peterseliewortel was voor de komst van de moderne, oranje wortel veel populairder, maar is langzaam in de vergetelheid geraakt. Gelukkig is hij bezig aan een welverdiende comeback in onze hobbytuinen.
In oude tuinboeken of bij een gespecialiseerde zadenhandel kom je ook de naam ‘wortelpeterselie’ of ‘Hamburgse peterselie’ tegen. Die laatste naam verwijst naar de populariteit van het gewas in de Duitse keuken, waar het al eeuwenlang een belangrijk ingrediënt is. De Latijnse naam, Petroselinum crispum var. tuberosum, verraadt dat het directe familie is van de gewone peterselie, maar dan een variëteit die speciaal is veredeld voor de verdikte wortel.
Het is een tweejarige plant is. In het eerste jaar groeit het loof bovengronds en de wortel ondergronds. Als je de wortel niet oogst, dan gaat hij in het tweede jaar bloeien met grote bloemschermen en daarna zaad produceren. Daarna sterft hij af. Voor ons als moestuinders is vooral dat eerste jaar interessant, omdat de wortel dan op zijn lekkerst is.
De pastinaak en de peterseliewortel lijken uiterlijk erg op elkaar. Het meest kenmerkende verschil zie je op de plek waar het loof aan de wortel zit. De pastinaak heeft aan de bovenkant een ronde inkeping waar het loof uit komt, terwijl de peterseliewortel juist op die plek een verhoging heeft waar het loof aan vast zit.


Zaaien van peterseliewortel
Net zoals gewone wortel en pastinaken zaaien we de peterseliewortel direct ter plaatse. De wortel heeft namelijk een zogenaamde penwortel die bij verplanten al snel wordt beschadigd. Daardoor is de kans groot dat je geen mooie rechte wortel krijgt, maar een wortel met kronkelende vormen.
De ideale zaaiperiode loopt van maart tot en met mei. Omdat het een gewas is dat een lang groeiseizoen nodig heeft om een forse wortel te vormen, zaai je bij voorkeur al vroeg in het voorjaar, zodra de grond een beetje is opgewarmd.

Kies een zonnig plekje om te zaaien. In de Tiny Garden werk ik met de vakkenmethoden. Dan passen er in een vak van 30×30 cm 9 peterseliewortels en in een vak van 40×40 cm 16 peterseliewortels (4 rijen van 4).


Bepaal de 9 of 16 plekjes waar je wilt zaaien en breng daar de zaadjes van de peterseliewortel aan. De zaadjes zijn heel klein, dus de kans is groot dat er meerdere zaadjes op één plek terechtkomen. Dat geeft niet, want die dun je later uit. De zaadjes hebben licht nodig om te ontkiemen. Je moet ze dus niet afdekken met aarde.
Als je niet de vakkenmethode gebruikt dan kun je zaaien op rijtjes met 20 centimeter ruimte tussen de rijen.
De kiemtemperatuur ligt idealiter rond de 15 tot 20 graden, maar ook bij iets lagere temperaturen gebeurt er wel wat, zij het langzamer. Het kan met gemak drie tot vier weken duren voordat je de eerste groene sprietjes boven de grond ziet komen. Schrik dus niet als er na twee weken nog niets lijkt te gebeuren; dat is heel normaal.


Oogsten van peterseliewortel
Je kunt van de peterseliewortel zowel het loof als de wortel eten. Als je loof plukt terwijl je de wortel nog niet oogst, dan moet je voldoende loof laten zitten. Dat loof is namelijk nodig om energie van de zon om te zetten voor de groei van de wortel.
Het belangrijkste is natuurlijk de oogst van de wortel. Dat gebeurt doorgaans in de herfst zo’n 150 dagen na het zaaien. Je kunt een beetje aarde aan de bovenkant van de wortel weghalen en met je vinger voelen of de wortel voldoende gegroeid is. Houd er wel rekening mee dat de peterseliewortel duidelijk kleiner is dan een pastinaak.
Je hoeft trouwens niet alle wortels in één keer te oogsten. Sterker nog, peterseliewortel is erg winterhard. De smaak wordt zelfs vaak zoeter en aromatischer nadat er een keer vorst overheen is gegaan, omdat zetmeel dan wordt omgezet in suikers. Je kunt de wortels dus prima in de grond laten zitten en oogsten wat je nodig hebt voor het avondeten, vers uit de tuin, zelfs hartje winter.
Oogsten doe je door de wortel uit de grond te trekken. Met één hand aan het loof en de andere hand aan de bovenzijde van de wortel trek je de wortel omhoog. Als dat niet lukt gebruik dan een schepje of spitvork.
Na de oogst kun je het loof eraf draaien (niet snijden, om ‘bloeden’ te voorkomen). Borstel de aarde er daarna grofweg af, maar was ze pas vlak voor gebruik. Je kunt ze maandenlang goed houden in een kistje met vochtig zand op een koele, donkere plek (zoals een kelder of schuur). Voor enkele weken kun je ze bewaren in de groentelade van je koelkast.

Teelt en verzorging
Voor de hobbytuinder zijn 2 variëteiten verkrijgbaar:
- ‘Halflange’ – zoals de naam al zegt, een iets kortere wortel, speciaal voor zware kleigrond
- ‘Berliner’ – een ras dat mooie grote, gladde wortels geeft
De grootste vijand van dit gewas is, net als bij zijn oranje neefje, de wortelvlieg. De larven van deze vlieg eten gangen in de wortel, wat ze onsmakelijk maakt en waardoor ze snel gaan rotten. Omdat voorkomen beter is dan genezen, is het gebruik van insectengaas eigenlijk onmisbaar. Dek het gewas direct na het zaaien of opkomen af met gaas en laat dit zitten tot de oogst.
De algemene verzorging bestaat verder vooral uit onkruid wieden. Omdat peterseliewortel in het begin zo langzaam groeit, wordt hij snel overwoekerd door sneller onkruid. Houd het bed dus goed schoon, zodat de jonge plantjes al het licht en voedsel krijgen. Qua watergift is het belangrijk dat de grond niet volledig uitdroogt, zeker niet tijdens de wortelvorming in de zomer. Een onregelmatige vochtbalans kan leiden tot gebarsten wortels.

Peterseliewortel in de opvolgingsteelt
Peterseliewortel kun je niet toepassen in de opvolgingsteelt. De plant heeft namelijk zelf zowel de 1e jaarhelft als de 2e jaarhelft nodig om tot een flink wortel uit te groeien.